De klacht
Klager maakt, samengevat, bezwaar tegen het feit dat afzender (For Fun) een reclamefolder heeft gedeponeerd in zijn brievenbus die is voorzien van een NEE/NEE-sticker. Klager heeft hierover in juli zijn beklag gedaan bij afzender, maar geen reactie ontvangen. Klager stelt in het verleden ook al van afzender een reclamefolder te hebben ontvangen.
Het verweer
Afzender stelt navraag te hebben gedaan bij de bezorgers van de reclamefolder van afzender. De bezorgers ontkennen de reclamefolder bij klager in de brievenbus te hebben gedeponeerd. Afzender gaat er daarom vanuit dat de reclamefolder niet door haar in de brievenbus van klager is gedeponeerd.
Het oordeel van de voorzitter
1. Klager stelt dat de reclamefolder is gedeponeerd in zijn brievenbus, die is voorzien van een NEE/NEE-sticker. Het betreft, naar de voorzitter aanneemt, een sticker als vermeld in bijlage 1 bij de Code Verspreiding Ongeadresseerd Reclamedrukwerk (“Code VOR”). Met deze sticker wordt duidelijk kenbaar gemaakt dat klager geen ongeadresseerd reclamedrukwerk wenst te ontvangen. De reclamefolder kan worden aangemerkt als een ongeadresseerd reclamedrukwerk in de zin van artikel 1.1 sub d van de Code VOR. Dit betekent dat afzender alle maatregelen en voorzieningen dient te treffen die noodzakelijk zijn om te voorkomen dat bewoners die een NEE/NEE-sticker op de brievenbus hebben aangebracht, ongeadresseerd reclamedrukwerk ontvangen.
2. Afzender stelt dat de bewuste folder niet bij klager in de brievenbus is gedeponeerd, nu haar bezorgers dat ontkennen. Het lag echter ook op de weg van afzender om duidelijk te maken welke maatregelen en/of voorzieningen afzender treft om de respectering van NEE/NEE-stickers te bereiken. Dit heeft afzender nagelaten. Daarbij neemt de voorzitter in ogenschouw dat klager heeft gesteld, en wat door afzender niet is betwist, dat klager al eerder ten onrechte van afzender een reclamefolder heeft ontvangen.
3. Aldus kan aangenomen worden dat de bezorging van het bewuste ongeadresseerde reclamedrukwerk in de brievenbus van klager door of namens afzender is verricht, althans dat afzender onvoldoende maatregelen of voorzieningen heeft getroffen zoals bedoeld in artikel 3.1 Code VOR. Dat leidt tot de conclusie dat afzender in strijd met artikel 3.1 Code VOR heeft gehandeld.
4. Op grond van het voorgaande oordeelt de voorzitter als volgt.
De beslissing
Afzender heeft gehandeld in strijd met het bepaalde in artikel 3.1 Code VOR. De voorzitter beveelt afzender aan om alle maatregelen en voorzieningen te treffen die noodzakelijk zijn teneinde de respectering van de NEE/NEE-sticker te bereiken.